bezittelijk voornaamwoord – 04

Bezittelijk voornaamwoord, persoonlijk voornaamwoord of zelfstandig naamwoord?

1. Ik heb mijn fiets gisteren laten nakijken door de fietsenmaker. 'mijn' is een...
2. Ik heb je gewaarschuwd voor die akelige man! 'Ik' is een...
3. Onze kat ligt het liefst op dat rood-witte kussentje op de bank. 'Onze' is een...
4. Mocht je bij hem achter op de fiets zitten? 'hem' is een ...
5. Heb jij je oma al bedankt voor dat mooie cadeau? 'je' is een...
6. De spreekbeurt van Mike was erg interessant! 'Mike' is een...
7. Gisteren mocht ik van u niets vragen! 'u' is een...
8. Uw praatjes bevallen mij niet. 'Uw' is een...
9. Dat moet ik even aan mijn moeder vragen! 'mijn' is een...
10. Blijf af, dat is van Aafke! 'Aafke' is een...