hulpwerkwoorden – 02

Wat is het hulpwerkwoord in de volgende zinnen?

Let op: niet in elke zin staat een hulpwerkwoord!

1. Over een half uurtje moet ik naar de kapper.
2. Aan die kale muur kun je een schilderij hangen.
3. Mag je 's avonds wel naar buiten gaan?
4. Zwemmen vind ik niet zo'n leuke sport.
5. Moet je altijd je zin krijgen?
6. Die klas is best wel druk.
7. Is hij al naar de dierentuin geweest?
8. Trijlie leest graag goed geschreven boeken.
9. Marije kan jou daar best bij helpen.
10. De ruiten van je auto moet je niet met afwasmiddel schoonmaken.