onderwerp – 04

Wat is het onderwerp in onderstaande zinnen?

1. De slager in het dorp verkoopt droge worst in bundeltjes van drie.
2. Door de harde wind is het konijnenhok omgewaaid.
3. Het paard van Sinterklaas houdt niet van zonnepanelen.
4. Ben jij weleens in de winter zonder jas naar school gegaan?
5. Voor Serious Request is er al heel veel geld ingezameld door leerlingen van het Esdal College.
6. 's Morgens moet je niet zo aan mijn kop zeuren.
7. Denk je nog even aan de kerstkaartjes voor de familie?
8. De grootste stad in Zuid-Oost Drenthe heeft meer dan 50.000 inwoners.
9. De hond van de buren eet het liefst bloedworst in kleine stukjes.
10. Morgen geef ik jou je verjaardagscadeau!