persoonsvorm - onderwerp
Zoek in de onderstaande zinnen de persoonsvorm (pv) en het onderwerp (mv).
Het slecht gekafte boek was al snel heel vies.
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Wil je dat afval gewoon in de vuilnisbak gooien?
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Matthijs heeft gisterenavond nog tot tien uur zitten studeren.
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Snoepjes kun je ook uit de automaat in de kantine halen.
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Heeft je moeder alweer een taart gebakken?
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Taart is niet zo heel goed voor je gezondheid.
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Zo koud is het nog nooit geweest!
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Misschien lopen die laarzen best lekker.
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
De directeur van de school loopt graag een rondje door de gangen.
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Wacht je tot de bel gaat?
De persoonsvorm =
Het onderwerp =
Check
OK
Terug naar 'Online oefeningen'