werkwoordspelling - PV (TT)

Zet de PV in de tegenwoordige tijd (TT)
Het vliegtuig (landen) op het vliegveld.

Hij (schudden) de oplossing zo uit zijn mouw.

(vinden) jij dat ook zo moeilijk?

De politie (vermoeden) dat er inbrekers rondlopen.

Jij (lachen) zo leuk.

Wat (vinden) je leraar van dat werk?

Mijn broertje (geloven) niet meer in Sinterklaas.

Hij (bakken) biefstuk op zijn eigen manier.

Het schoolfeest (worden) uitgesteld.

(zijn) die jongen de eerste Italiaanse EK-winnaar?

Terug naar 'Online oefeningen'