werkwoordspelling gemengd – 01

Tijdens deze oefening komen alle onderdelen van werkwoordspelling voorbij. Kijk bij elke vraag goed wat je moet doen en kijk bij elk woord goed naar wat het is. Is het een persoonsvorm, een bijvoeglijk naamwoord, een tegenwoordig deelwoord of een voltooid deelwoord? Let ook op de tijd. Moet je tegenwoordige tijd gebruiken (TT), of verleden tijd (VT)?